VADA-VARIA 31e
jaargang, no. 1, 2004
In dit nummer
Nieuwe
bestuursleden
Onze huidige
penningmeester Henk Boon is per april 2004 aftredend en heeft te kennen gegeven
niet herkiesbaar te zijn. Ook onze voorzitter, de heer J. Bovendeur, gaat het
bestuur na 4 jaar verlaten. Op de ALV van november is de heer
In de persoon van de heer George Kraan (R) meent het bestuur een uitstekende
kandidaat voor het penningmeesterschap te hebben gevonden. Het bestuur is
verheugd over het feit, dat de heer Kraan deze kandidatuur heeft aanvaard.
In onderstaand artikel stellen beide
heren zich gaarne aan u voor. Indien vóór de ALV van april statutair geen
andere kandidaten worden voorgedragen of zich aandienen, stelt het bestuur u
voor om de heren G. Kraan en J. Dekker tijdens genoemde
vergadering te benoemen in de respectievelijke
functies van penningmeester en voorzitter.
Het bestuur.
Beste Vadaleden,
Graag wil ik mij ,
als kandidaat penningmeester, aan u voorstellen. Mijn naam is George Kraan, 57 jaar oud. Ik ben getrouwd met Anneke en wij wonen, sinds 1979, in Veenendaal.
Wij hebben drie inmiddels volwassen kinderen. Ik heb
een loopbaan in de accountancy en vervolgens in financieel management achter de management
achter de rug. De afgelopen 26 jaar heb ik gewerkt bij Kimberly-Clark,
een Amerikaanse multi-national met haar Nederlandse
vestiging vroeger in Veenendaal, nu in Ede. De
laatste 7 jaar was ik er financieel directeur voor de Benelux en Scandinavië.
In het kader van een reorganisatie is, in uitstekend onderling overleg, mijn dienstbetrekking
bij Kimberly-Clark vorig jaar geëindigd.
Sindsdien heb ik een aantal nieuwe activiteiten kunnen
ontplooien, w.o. wat vrijwilligerswerk en, vanaf juni vorig
jaar, een voor mij nieuwe sport: roeien ! Bij VADA dus, met de Fifty-Fitters op donderdagmiddag. Het bevalt me uitstekend,
al duurt bij mij het aanleren van de goede techniek nogal wat langer dan ik
verwacht had. Soms verzucht ik bij mezelf , na de zoveelste mislukte haal:
gelukkig heb ik van financiën meer verstand !
Ja, en dat verstand van financiën hoop
ik dan de komende jaren bij VADA te gaan bewijzen. Henk Boon en de andere bestuursleden
hebben mij al, in uitvoerige gesprekken, een beeld gegeven van de organisatie
van de vereniging, van de bestuurs-structuur en verantwoordelijkheden
en van de financiële aangelegenheden. Hierin zitten zeker een aantal overeenkomsten
met een bedrijf zoals waar ik gewerkt heb en ik denk dan ook dat de ervaring
die ik daar heb opgedaan nuttig kan zijn in mijn beoogde functie bij VADA. Ik
zie er in ieder geval naar uit en heb goede verwachtingen van de samenwerking
met u allen.
George Kraan.
Beste leden van Vada,
Na een presentatie op de ALV in november,
wil ik me graag via dit medium als kandidaat voorzitter aan u voorstellen.
Ongeveer 3.4 jaar geleden heeft Jos Hehenkamp
me gevraagd eens na te denken over de rol van algemeen voorzitter van VADA. Op
dat moment was ik bijna 3 jaar met de VUT. Na een aantal gesprekken met Jos en
Jan Bovendeur begon het me te trekken. Ik ben roeilid geweest van 1976-1982, samen
met een vast roeimaatje. Die ging toen naar het buitenland en ik ben gaan
tennissen. Rond 1990 heb ik deel uitgemaakt van de start van wat nu de VARGO
groep binnen de roeiafdeling is. Tot dit moment ben ik niet actief geweest
binnen VADA in bestuurlijke zin. De tijd om dat nu te gaan doen lijkt me rijp.
Tijdens mijn nog jonge pensionering ben ik voorzitter geweest van de lustrumcommissie
van de Golfclub “de Heelsumse” en ik zit nu een jaar
in de redactiecommissie van het clubblad als vormgever.
Ik ben 60 jr geleden geboren op het
voormalig eiland Wieringen.
Na de HBS in Den Helder ben ik Weg en Waterbouwkunde gaan studeren op de HTS in
Haarlem. Hierna kwam de diensttijd en ben reserve officier bij
de Artillerie geworden. Hierna toch maar besloten om verder te studeren
in Delft, civiele techniek. In die periode ben ik getrouwd en hebben we onze
zoon en dochter gekregen. Ik was toen werkstudent met een fulltime baan. Ik heb
in die periode op het Stevin Laboratorium vier jaar
lang onderzoek gedaan aan Houtconstructies vooral grote gelamineerde houten
spanten.
Na “nat” te zijn afgestudeerd, dat kan
binnen de Civiele Techniek, ben ik als waterbouwer in dienst getreden bij het
MARIN te Wageningen. Ik heb de rest van mijn
beroepsmatige leven hier doorgebracht. Het Maritiem Research
Instituut Nederland is een instituut waar onderzoek wordt gedaan op het gebied
van de scheepshydromechanica. Theoretisch en vooral in de vorm van
modelonderzoek. Het betreft in principe alles wat vaart of drijft of zich als
vast obstakel in water bevindt. Ik ben daar lang verbonden geweest aan de
afdeling Offshore als project manager met uiteindelijk als specialisatie “de
installatie van vaste olieboorplatforms”. Het was boeiend werk niet alleen
vanwege de techniek, maar vooral ook omdat het zo internationaal was.
De meetresultaten uit de
modelproeven werden vaak heet van de naald gebruikt voor het
ontwerpboorinstallaties op zee. Ook heb ik daar een brede algemene kennis
opgedaan over de andere thema’s die daar werden bestudeerd, weerstand van
schepen, schroefontwerp, schroefcavitatie,
trillingen, geluid, en manoeuvreergedrag van schepen. Ook zeegangsgedrag,
het gedrag van een schip in golven, de toegevoegde weerstand, bewegingen,
versnellingen, het overnemen van water, slamming, schroefuittreden. En
daaromheen veel ervaring met de technologie van het modelonderzoek. Vanuit die
achtergrond maakte ik in 1987 kennis met een project in Indonesië. De
toenmalige minister van Technologie in Indonesië, Habibie,
wilde de werven aldaar moderniseren en daar ook de
bijbehorende testfaciliteiten hebben. Net zoiets als in Wageningen.
Het MARIN heeft daar een zeer groot project aan gehad van begin tot eind.
Ontwerp, begeleiding van de bouw in Surabaya, adviescontracten
met toeleveranciers, trainingsprogramma’s voor de toekomstige bemanning,
levering van specifieke apparatuur kennis en software. Het heeft me 9 jaar
bezig gehouden.
Na een periode in de Ondernemingsraad
als voorzitter, ben ik gevraagd om zitting te nemen in de directie van MARIN
als directeur van de divisie Marketing. In deze divisie waren ondergebracht: de
stafafdeling marketing en PR en communicatie, Technology
Transfer, Trials en Monitoring (metingen aan boord
van schepen) en de manoeuvreersimulator. Het was een boeiende en hectische
periode waarin ik zeer veel nationale en internationale
contacten heb
onderhouden binnen de maritieme wereld. MARIN heeft echter veel perioden van
zwaar weer gehad. In 2000 was er weer een reorganisatie nodig en in dat verband
is mij toen een regeling aangeboden (zeg maar VUT). Ik heb daar in goed overleg
gebruik van gemaakt. Ik hoop dat ik met deze achtergrond in de komende jaren
voor de WSV-VADA een goede bestuurlijke inbreng mag
hebben.