|
|
Vada Varia, nr. 1 2006
|
|
|
Herinneringen aan Annie Heringa
Annie en Agnes
Toespraak van
Agnes van Dongen Annie en ik
hebben ontelbare malen met elkaar geroeid. We begonnen op het oude Argo, toen
nog aan het kanaal gelegen. Annie werkte nog, ze was 64 en we zijn doorgegaan
met roeien tot ze 80 was! Door middel van een ingewikkeld stelsel van
verstopte sleutels mochten we ons toegang verschaffen tot het houten gebouw
van Argo. We pakten de "Hera", droegen hem de trappen af en
begonnen te roeien. Meestal waren we daar alleen. Later, op het nieuwe Argo
spraken we af op zaterdagmorgen om kwart voor negen, vóór de "Oude
Loelen" uit en maakten we graag gebruik van hun hulp bij het tillen van
de "Hera". Na afloop dronken we gezellig koffie met de hele groep.
Dat was het vaste patroon. Maar er was nóg
een vast patroon. Daar moest ik in het begin wel even aan wennen, nl. dat er
over het al of niet doorgaan van het roeien niet te onderhandelen viel met
Annie, tenzij het kwik duidelijk onder nul stond, Er werd altijd geroeid!
Regen en wind, lichte storm of iets zwaarder,
kou, sneeuw, ijzel, we hebben het allemaal gehad. Bij de laatste twee
categorieën haalde Jouke zijn beroemde emmer met zand en zout uit de auto en
werd de baan vrij gemaakt om te kunnen
roeien! Uit die
beginperiode staan me nog beelden voor ogen dat we in ons tweetje gierend om
de kribben vlogen met veel wind en golven. Het enige commentaar dat ik van
Annie kreeg was: " 't is een beetje hobbelig, ja" Ik was niet
bang, met Annie was je niet bang. Door haar rustige zekerheid leerde ik het
allemaal normaal te vinden. En het was
altijd leuk. We hadden niet veel woorden nodig. De sfeer was goed en bleef
goed. Daamaast roeiden we ook nog op zondagmorgen in de "Vaargeus"
met Jouke, Hans de Wiljes en stuurvrouw Cor Hioolen, later nam Margreet
Geurtsen het over. Door Jouke werd hard aan de techniek gewerkt en omdat ik
als slag vóór hem zat, kreeg ik een stevige leerschool. En af en toe de wind
van achterenl Er is wel eens een traantje uit mijn oog gerold. Later toen
Annie niet meer roeide, vanaf haar
80ste, waren er de onvergetelijke uurtjes, die ik doorbracht op de Oude Zoomweg, meestal op zondagmiddag. Vaak
was zoon Jouke er dan ook. Er werd bij een kopje thee over alle mogelijke
onderwerpen gepraat. Tegen vijf uur kwam onveranderlijk de fles met port
tevoorschijn. Ik voelde me altijd geestelijk verrijkt, wanneer ik weer
huiswaarts keerde en ze me beiden uitzwaaiden voor het raam. Ik kan met
recht zeggen: "Annie was een pareltje". De dag na het overlijden van Annie
hebben Annemarie Patist en ik bloemen
uitgestrooid over de Rijn op de plek waar Annie en ik altijd keerden: de
laatste krib vóór het veer.
|
|
|
Gedeelten uit de toespraak bij de crematie van Annie Heringadoor In een boot Met achttien ballen Harde halen op de Rijn Oh VADA VADA Niet zonder onze Heringa's Harde halen, Niet door je bankje trappen. Op de Rijn De Rijn, moeder van de lage landen, Zoals Annie de moeder van het Oh VADA VADA De vereniging, waar het allemaal gebeurde. Waar zij hun hart en ziel in legden. Met een niet te stuiten overgave. Annie Je inpik was scherp, Je doorhaal aanzwellend Nu mag je laten lopen. Stuurman - bedankt.
|
|
|
Peter van der Dussen vertelt over het bestuur waarin hij
met Annie samenwerkte (1985 ev). Annie assisteerde en er ontstond een hecht
samenwerkingsverband in het bestuur en heel VADA voer er wel bij. Ze had een duidelijke
stem bij bestuurlijke beslissingen. Niet verbloemd mag worden, dat ze soms
wel wat eigenwijs kon zijn. Ook kon ze zich opwinden over niet nageleefde
regels. Maar binnen de VADA geledingen wenste ze geen onderscheid te maken:
"Watersport is watersport" en VADA betekende voor haar: "Voor Allen, Door Allen"
|
|
|
Annie en
Fifty Fit; door Agnes van Dongen Wie heeft er in de jaren tussen 1996 en 2000 eigenlijk
niet van Annie sturen geleerd? Ze deed dit met veel geduld en overgave. Bekend
was haar uitspraak: "ik ben blij wanneer het woelig is op de Rijn en het
liefst zie ik ook nog veel boten voorbijkomen, want dan kunnen de
aspirant-stuurlieden goed ervaring opdoen". Haar tekeningen en bijdragen
op de roei- stuuravonden op VADA waren door haar grote kennis van de rivier
zeer waardevol. Toch altijd bescheiden over haar rol: "ik kan hem/ haar
niets meer leren, nu moeten ze het zelf maar gaan doen". |