|
|
Vada Varia, nr. 2 2007
|
|
|
Avero-Achmea Ergohead
in Amsterdam Op bakboord: Rijnland, op stuurboord: een cameraman, onder mij: een
rail. Waar kan ik heen? Naar voren: tempo 30. We zijn over de helft van de
6-km-race en Rijnland probeert weg te lopen. Ik ga mee omhoog naar tempo 32,
maar na circa vijftien halen zakt mijn tegenstander terug naar tempo 30. Ik
houd nog even vol op 32. Mijn probleem is dat ik wel de afstand kan zien,
maar niet mijn geroeide tijd en dus is mijn strategie simpel: Rijnland
voorblijven. Theo M. Boers
Op een groot scherm voor ons is
het verloop van de race zichtbaar en worden de posities van de koplopers
getoond en voorzien van decibellen. Een rondlopende cameraman brengt roeiers
in beeld op een groot videoscherm achter ons. Ik roei in de categorie lichte
veteranen 60+ en heb drie tegenstanders: twee snelle jongens van De Dortsche en Rijnland. Bij de weging voor de race was
bevestigd, dat ik
een lichte roeier ben. Gerd Op zondag 21 Het circus begint om tien uur met
de heren veteranen 30-39 en 40-49. Ik blijf even kijken naar de start. Ze
roeien in een vrij laag tempo met lange halen en gaan super hard. Ik had
tijdens de trainingen verschillende roeicollegas
gevraagd hoe je op een ergometer start. Net als in de boot, of bestaat er een
ergometerstart? Mijn conclusie was dat veel zware roeiers, zeg maar 1.90 m
bij 90 kg, een start niet echt nodig vinden. Dat windmolentje brengen ze met
een paar gewone halen wel op snelheid. Voor lichtere roeiers zijn een paar
halen op driekwart sliding en daarna uitlengen naar hele halen beter om op
snelheid te komen. Ik wil dit wel oefenen en ga dit in mijn studeerkamer
doen. Toen ik eind 2004 terug kwam uit het buitenland en met pensioen ging,
kwam minister Zalm door met een verrassing. Ik besloot deze verrassing om te
zetten in een ergometer en beschouwde dit als afscheidscadeau voor
tropenjaren. Ik vond dit geen slecht begin van mijn veteranen-bestaan.
Het roei-ijzer kon in mijn studeerkamer staan net tussen mijn bureau en
boekenkast. Ideaal. De onderste lade van mijn bureau kon niet meer helemaal
open, maar dat was niet erg, want die was bestemd voor blauwe enveloppen. Wel
moest ik knieheffen om bij mijn boekenkast te
komen, in-home training: een extra voordeel. Ik
dwaal af. Na een aantal trials had ik mijn start ontwikkeld en was klaar voor
de wedstrijd. Ik loop naar de kleine zaal voor
mijn warming-up. Mijn plan is de hele wedstrijd tempo 30 te roeien, hiermee
had ik in mijn trainingen 24:16 geroeid. Het is elf uur, alle roeiers op de
ergometers in de grote zaal zijn klaar voor de start, de toeter gaat, we zijn
gestart. Korte starthalen op tempo 34, uitlengen, omlaag naar baantempo,
koolzuur uitblazen en diep ademhalen. Ik kom in de race. Op mijn scherm zie
ik dat ik nu tempo 30 roei. Okay. Mijn 500-meter-tijd zit onder de twee
minuten en ik moet proberen dit zo lang mogelijk vast te houden. Ik roei
gelijk op met Rijnland. De andere lichte veteranen kan ik niet zien. We
hebben de eerste kilometer gehad en mijn 500-meter-tijd is opgelopen tot twee
minuten. Als we over de helft zijn, wordt
het doorbijten. Ik probeer op het scherm van Rijnland te zien wat zijn
500-meter-tijd is, maar zie niets. Dan maar gewoon concentreren op mijn eigen
scherm. Had ik mijn stopwatch maar meegenomen, nu is Rijnland mijn enige
houvast. We zijn nu in het laatste deel van de race en na enige tijd komt
onze categorie op het scorebord. De twee Dortsche
roeiers gaan winnen. Mijn boot ligt in derde positie, ongeveer 50 meter voor
Rijnland en met mijn eindsprint behoud ik mijn voorsprong tot de eindstreep.
Even uitblazen en naar de tijden kijken. Die vallen erg tegen. De Dortsche veteranen hebben gewonnen in 23:20 en 23:50. Ik
ben derde geworden in 24:46 en Rijnland vierde in 24:58. Deze tijden liggen
een halve tot een hele minuut hoger dan vorig jaar. De snelste tijd wordt
later in de middag geroeid door de Hongaar Akos Haller, die de categorie heren senioren A wint in 18:45.
Goede morgen Hongarije!
In het middagblok verschijnen de
jeugdroeiers, waarin Imke Hennink
voor Vada roeit in de categorie M18. Voor jeugdroeiers gelden andere regels.
Er wordt een vaste tijd van twintig minuten geroeid en de geroeide afstand
bepaalt de uitslag. Imke roeit in twintig minuten 4.220 meter en wordt
daarmee nummer 21 in deze categorie, die met 5.200 meter wordt gewonnen door
Cornelis Tromp. Op de tribune heeft mijn betere helft de race gevolgd. Na de
koffie spreken we nog even met een Amstel-official
en vertrekken met een ergoshirt met daarop de namen
van alle deelnemers. Dit was een leuke wedstrijd en een goed begin van 2007. Theo M. Boers |