|
|
Vada Varia, nr. 2, mei 2009 |
|
|
Van de Voorzitter Egbert Egberts
Eindelijk
is het dan zo ver. Ik denk dat ik de geruchtenstroom bij Vada aardig gevoed
heb sinds ik zo’n twee jaar geleden de toenmalige
voorzitter Jaap Dekker op zijn vraag of ik een aantal jaren voorzitter zou
willen zijn van Vada, antwoordde dat daarvoor niet meteen, maar wel op
termijn van enkele jaren een beroep op mij gedaan mocht worden. Vanaf de
ALV van 27 april jl. ben ik nu officieel in functie, en omdat ik zeker niet
bij iedereen (even) (goed) bekend ben, daarvoor is de vereniging ook te groot,
begin ik maar met mij aan u voor te stellen. Mijn naam
is Egbert Egberts, en ik
woon na een studie in Groningen gevolgd door een verblijf van een aantal
jaren in het buitenland, nu al weer zo’n 30 jaar in
het WERV-gebied. Tot zo’n
drie jaar geleden was ik werkzaam bij Wageningen Universiteit in het domein
van de dierwetenschappen en de biologie, in het begin als docent en de
laatste 10 jaren in een managementfunctie. De WSV Vada ken ik al sinds ik in
deze omgeving woon, zij het in de eerste jaren vooral vanaf de zijlijn of om
in watersporttermen te blijven, vanaf de wal via mijn partner Annette Vester die al meteen bij onze komst in het Wageningse de roeisport weer heeft opgepakt. Sinds de tijd dat we daarnaast een motorsailer
in de haven hebben liggen waarmee we in de zomermaanden de Nederlandse
wateren doorkruisen, ben ik zelf ook wat meer bij het Vada gebeuren betrokken
geraakt. Ik heb
Vada in al die jaren zien worden tot wat het nu is: een grote en bloeiende
vereniging die zowel op het land als op het water langzamerhand uit zijn
jasje dreigt te groeien. Dat is niet in de laatste plaats het gevolg van de
voortreffelijke voorzieningen die in de loop der
tijd met inspanning van veel leden tot stand gebracht c.q. onderhouden zijn.
Als ik bij mij zelf te rade ga met de vraag waarom
ik ingegaan ben op het verzoek om een tijdje uw voorzitter te spelen, dan is
voor mij deze onbaatzuchtige en collegiale sfeer van met elkaar niet alleen
de vereniging gebruiken, maar er ook wat voor doen, een belangrijke factor
geweest om ja te zeggen. Ik vind dat we deze verworvenheid van
vrijwilligersinzet niet genoeg kunnen koesteren. Er spelen
momenteel binnen de vereniging een aantal zaken die
mijn aandacht zullen vragen. Die hebben alle min of meer te maken met het
feit dat we ruimtelijk gezien krap zijn komen te zitten. In zo’n situatie is het een gegeven dat het moeilijker wordt
om bij tegengestelde belangen voor alle partijen bevredigende oplossingen te
vinden, en ontstaan er sneller conflicten. Het is daarom van belang om de
huidige gang van zaken in de vereniging goed te structureren en vast te
leggen, en daarbij wil ik voortbouwen op al datgene wat mijn voorganger Kees
van Heemert al op zo’n
voortreffelijke manier in gang heeft gezet. Maar dat beperkt zich tot de
huidige situatie. Willen we vooruit, dan moet er meer gebeuren dan dat. Zoals
u weet onderzoekt de roeiafdeling momenteel de mogelijkheid om voor het
geheel of een deel van haar activiteiten gebruik te gaan maken van het terrein aan de dijk
tegenover Vada naast Argo. Daarnaast speelt de
Gemeente Wageningen met de gedachte om ten westen van de Pabstendam
in de uiterwaarden een jachthaven en/of roeiaccommodatie aan te leggen. En om
de situatie nog wat ingewikkelder te maken, krijgen we ook te maken met de
uitwerking van natuurontwikkelingsplannen in het kader van de EHS
(Ecologische Hoofd Structuur) en Natura 2000 die
ons weliswaar niet direct maar wel indirect
beperkingen kunnen opleveren. Kortom, het zal nog de nodige stuurmanskunst
vergen om op het juiste moment de beste koers te bepalen, en in te steken. Voordat
ik afsluit wil ik nog een punt aan de orde stellen dat mij de laatste tijd in
het bijzonder bezig houdt. De korte tijd waarin ik wat intensiever als
waarnemend secretaris betrokken ben geweest bij het bestuursgebeuren, is mij
opgevallen dat er zoals ik in de inleiding al heb aangestipt, sprake is van
een aantal informele communicatiecircuits. Daar zit een positieve kant aan in
die zin dat dat blijk geeft van een grote
betrokkenheid van de leden. Maar, er ligt ook een gevaar op de loer en dat is
dat geruchten en halve waarheden een eigen leven gaan leiden, en tot feiten
worden verheven. Dat geeft onnodig veel ruis en wrijving, en dat gaat ten
koste van de energie voor positieve acties. De communicatie van Algemeen
Bestuur met de Afdelingen en de leden als geheel, zowel als tussen de
Afdelingen onderling, staat daarom hoog op mijn prioriteitenlijstje. Aarzelt
u dan ook niet om mij er op te attenderen als u meent dat de informatievoorziening
over een bepaald onderwerp te wensen over laat. Tot slot
wil ik u allemaal bedanken voor het vertrouwen dat u in mij stelt; ik hoop
dat ik dat kan waarmaken. Maar mijn dank gaat in het bijzonder uit naar Kees
van Heemert voor wat hij de afgelopen twee jaar als
voorzitter allemaal tot stand heeft gebracht. Ik heb de laatste tijd van zeer
nabij kunnen meemaken hoeveel tijd en energie hij in die functie aan de
vereniging heeft gegeven; dat is bepaald niet gering! Vada mag zich gelukkig
prijzen dat hij bereid is om er nog een jaartje aan vast te knopen als
secretaris van het AB. Egbert Egberts Vrz WSV Vada
|