|
|
Vada Varia, nr. 3, september 2010
|
|
|
Rijnrace 2010 (nou ja, race……)
Han den Ouden
Hij is er weer, elk jaar hetzelfde, begin juni, de Norske Skog Rijnrace. Ineens is de jachthaven een echte zeilhaven. Van alle kanten stromen de bootjes binnen. Sail Wageningen, zullen we maar zeggen. Zonder windjammers, wel jammer van de wind. Want die liet het weer aardig afweten. Het enige, maar dan ook echt het enige dat Ton Tabor en zijn vakkundige mede-organisatoren niet in de hand hebben. En elk jaar weer horen we het verhaal over hoe het ook anders kan: windkracht negen, aan de grond gelopen bootjes, gebroken masten etc. Lang geleden, heel lang geleden.
Aangezien ons eigen bootje door wat kleine rampjes niet in het water ligt, zeilen we mee met de 7 m Dufour van Joke. Dat is handig. Grote kuip, bakje koffie op z'n tijd, zo kun je het schouwspel aan je voorbij laten trekken. Veel bootjes hebben we eerder gezien, bij vorige Rijnraces. Dan weten we ook langzamerhand wel hoe snel ze zijn, en of ze op hun pik getrapt zijn bij het bereiken van de tweede plaats in hun startgroep, terwijl het natuurlijk (iedereen snapt dat) de eerste had moeten zijn. Gek, maar ik moet ineens aan zeilmeisje Laura denken, weet ook niet hoe dat kan. Die deed altijd mee, als zeilpeuter al, in een Mirror. Daar was ze heel handig mee. Zij had dat ook: boos als het slechts een tweede plaats was. Tja, en dan nu de wereld rond. De vraag is dan of je, als je goed kunt zeilen, ook goed kunt reizen. We zullen het zien.
Inmiddels ploft het trouwe dieseltje ons naar het gat van Heteren, waar een zooitje jetskipenoze rondhangt en zeilers irriteert. We dobberen wat, in afwachting van het toetertje waarmee we op weg worden geblazen. Natuurlijk is het de kunst om op het juiste moment op (niet óver) de startlijn te liggen. Op het flauwe windje komen we toch redelijk rond de boei,en het gat uit. We halen zelfs een boot in! Niet dat dat veel heeft geholpen. Eenmaal op de rivier kakt de wind nog verder in. Dat versterkt de gedachte dat onder deze omstandigheden de race wel afgekort zal worden. Het stroomt namelijk wel, en zodanig dat een redelijk deel van de boten niet eens meer stroomop zal kunnen komen, na het keerpunt. Ergens in de buurt van de steenfabriek is het zelfs soms de vraag of we ten opzichte van het water nog enige snelheid hebben, met andere woorden, of we nog in staat zijn te sturen. En inderdaad, soms valt er niets meer te sturen! Dan is het een comfortabele gedachte dat we met velen zijn, die niet meer kunnen sturen, dan wordt het gewoon minder erg.
Ondertussen is het ook opgevallen dat het veld boten ver voor ons uit, rond de jachthaven, aan het begin van het havenkanaal, nauwelijks van zijn plek komt. Alsof ze daar met z'n allen het anker hebben uitgeworpen. Wij dobberen daar op de stroom tergend langzaam op af. Eenmaal bij de haventoegang is het de kunst om een zodanige positie en oriëntatie te hebben, dat we met succes de stroom kunnen verlaten. Aan de rand van de stroom, maar niet te dicht bij de kribben. Dat lukt niet iedereen, we zien boten voorbij de haveningang drijven, wat de machteloze schippers ook doen om dat te voorkomen.
Ons lukt het wonder-boven-wonder, en geholpen door wat roergekwispel. We kwispelen ons recht naar de ingang van de jachthaven! We zien daar nog een blinde zeiler, in een knalgeel bootje met bruine zeiltjes (nee, geen wit-rood-witte mast), die tastend langs de zijkant van een afgemeerde aak in de richting van de finish navigeert. Knap hoor! De toeter bevestigt dat we gefinished zijn. We ploffen naar de box en maken ons klaar voor de altijd weer voortreffelijke BBQ van Lia en Rienk.
Het is altijd weer spannend (zeg ik dan maar) hoe dit jaar de uitslagen zijn. Zeilmeisje Ans Geerling presenteert e.e.a. met een zekere mate van professionaliteit en reikt de prijzen uit. In werkelijkheid is het vrijwel altijd Rob Mink 1, Ben Hoefsloot 2, etc. Geen lol aan. Moet je nou echt goed kunnen zeilen, vraag ik me dan af, of moet je gewoon een snelle boot hebben, die dan ook de dag vóór de race pijnlijk glad poetsen en ook alles uit de boot slopen, wat gemist kan worden? (Moeten de gordijntjes er ook uit? Ja natuurlijk! Stel je voor, dat dat net het verschil is tussen 1 en 2!). Waarschijnlijk dus verliezen wij, zeilknuppels, omdat we te beroerd zijn al die zooi uit de boot te halen, omdat we te zware schoenen aan hebben, en onderweg een bak koffie met rondo willen. Daarom. Nou goed, toch gefeliciteerd hoor, snelle VADA-jongens, voor het terughalen van die wisselprijs, de Olympia-helmstok!
Han den Ouden
|