|
|
Vada Varia, nr. 4, oktober 2004 |
|
|
MADONNA DEL GHISALLO
Dit verhaal gaat over
fietsen in Italië. Het heeft slechts een zijdelingse relatie met de
watersport, in mijn geval roeien. In het verre verleden heb ik in
een heel goede veteranenacht geroeid, die tamelijk succesvol was in die
dagen. Omdat velen bezig waren met hun carrière en jonge gezinnen hadden,
konden we doorgaans niet vaker dan 1 a 2 maal per week met de voltallige acht
het water op. Krijn Kraak
Wel werd er
door iedereen buiten de roeitraining heel hard aan de conditie gewerkt door
consequent de zeer harde indoortraining te volgen en individueel anderszins
fysiek actief te zijn. Zo waren er enigen die erbij trainden op de racefiets.
En omdat fietsen mij leuker leek dan hardlopen, hetgeen ik toen deed, heb ik
een racefiets aangeschaft en ben gaan fietsen. Voordat
ik vorig jaar lid van VADA werd had ik een roeiloze periode van 9 jaar achter
de rug waarin ik mij geheel op het fietsen heb gestort. Ik heb toen vele
tochten in binnen- en buitenland gereden. De hoogtepunten waren de ritten in
Italië, niet alleen een fantastisch mooi vacantieland maar ook volledig
wielergek. Ik ben dan ook een fan van Il Ciclismo Italiano! Voor mij is dat
niet alleen de wedstrijdsport, maar ook het hele vertoon eromheen, het
materiaal, de supporters, de aandacht in de media. Het
volgende relaas moge een impressie zijn van fietsen in Italië. We gaan
naar het Comomeer. In mijn ogen het mooiste van de Noord-Italiaanse meren. Ik vertrek met de fiets, uiteraard een Italiaans
pronkstuk, vanuit ons een paar kilometer noord van Como gelegen appartement.
Ik fiets langs de kustweg richting Bellagio. Links van mij het meer en rechts
de stijl oprijzende bergen. De weg gaat op en af, nergens echt zwaar, maar
vrijwel geen kilometer vlak. Ik geniet van het uitzicht op het meer waar
altijd enige bedrijvigheid op het water is te zien. Ik passeer het ene leuke
dorpje na het ander, ieder met zijn Pasticceria, Macelleria en Bar Tabacchi.
Onderweg ontmoet ik regelmatig andere fietsers, die mij bijna altijd
vriendelijk groeten: “Salve”. Ik groet geroutineerd terug:”Salve”.
In
Bellagio aangekomen sla ik rechtsaf en dat betekent dus omhoog! En hier is de
eerste indicatie van het doel van deze tocht: de kapel van de Madonna del
Ghisallo die is gewijd aan de Italiaanse wielersport. Om er te
komen moet je op de fiets een niet geringe inspanning verrichten; in 9
kilometer moeten bijna 700 hoogtemeters worden overwonnen en dat betekent een
gemiddeld stijgingspercentage van ca 8% en geloof me, dat is voor een
wielertoerist harde labeur!
Na zo’n
drie kwartier ben ik boven en bezoek, ik denk voor de vierde keer, deze
wonderlijke kapel. Wat is er
te zien? Welnu, bij de ingang is een plaquette waar staat beschreven dat deze
kapel is gewijd aan de passie en de glorie van de wielersport en de fietsers;
de kapel binnengaand zijn te zien: fietsen en koerstruien van nationale en
internationale Campionissimi zoals Bartali, Coppi, Merckx en nog vele
anderen; er zijn foto’s van bezoekende hoogwaardigheidsbekleders met
daaronder de Paus; er is uiteraard een eenvoudig altaar alsmede een tableau
met namen en foto’s van bij het bedrijven van hun sport omgekomen
wielrenners; kortom, enerzijds een plaats van bezinning, anderzijds een
curieus wielermuseum.
Overigens
was een nieuwbouw van een apart museum ter plaatse in een ver gevorderd
stadium van gereedheid. U ziet
het, in Italië heeft de wielersport een heel bijzondere betekenis die wij
nuchtere Noordelingen niet kennen, maar die mij als wielerliefhebber zeer
aanspreekt. Als u met
mij deze gevoelens deelt en u bent in de omgeving van Como, dan
is een bezoekje aan de kapel van de Madonna del Ghisallo warm aanbevolen. ▪ |
|
|
|