Vada Varia, nr. 4 2005

 

 

Reilen en Zeilen 2005

 

 

Tussen januaristorm en novembersneeuw is er weer heel wat gebeurd bij VADA-zeilen. Met als thuisbasis het “kot” (wanneer krijgen we een echte loods?) kozen Optimisten (liefkozend Opti’s genoemd), Mirrors, Valk en Centaur het ruime en soms ruige sop. Zonder al te veel reclamegerammel zitten de lesploegen elk jaar weer vol. Waarschijnlijk zal mond-op-mond reclame en de gezellige en gemoedelijke sfeer er wel het nodige aan bijdragen. Bovendien zijn er de nodige “plakkers”, die één cursus niet genoeg vinden en steeds meer willen. En doffe ellende zijn natuurlijk al die instructeurs, die zonodig les willen geven, “adequaat tot het bitter einde”. Zo houdt het nooit op.

 


Han den Ouden


 

Sebrecht, Ernst-Jan, Bart en Koen droppen elk jaar weer een ploeg verse kids in de witte badkuipjes-met-zeil en brengen de kunsten van de al wat meer ervarenen op een hoger peil. Maarten begeleidt met zijn befaamde “afstandbediening” de oudere jeugd, die de Opti’s ontgroeid zijn en nu zeilen in de Mirror’s, houten zwaardbootjes met fok en grootzeil, en, als het weer het toelaat zelfs een spinnaker. Dan hebben we de kielboten, waarin Zeger, Louis, Hugo, Emanuel en René de volwassenen (laten we zeggen “tweede jeugd”) de grondbeginselen dan wel de steeds fijner en geniepiger wordende kneepjes van het zeilvak en aanverwante artikelen proberen bij te brengen. Daarbij wordt de praktijk doorspekt met theorievragen als: “wie heeft er nu voorrang?”, of: “hoe heet dit dingetje”?”. Waarbij dingetje meestal een “lummel”, een “knuttel” of een “leuver” blijkt te zijn. Mijn ervaring van de eerste zeilles kan vergeleken worden met een Papua uit de Baliemvallei, die op 60-jarige leeftijd zijn eerste fietsles krijgt op Broadway om 17:00 uur. Overdrijven maakt de zaak duidelijk, natuurlijk. Je moet wel meteen alles tegelijk, althans zo lijkt het.

 

Het hele lesgebeuren wordt geleid door de regels van de Commissie Watersportopleidingen (CWO). Die zorgt ervoor, dat men voor Jeugdzeilen 1 en 2 en kielboot I t/m VI op kan gaan. De examens worden voor de zwaardbootjes afgenomen door zeilnestor Wim van Beek en Willem Roskam neemt de kielboters voor zijn rekening. Denk niet dat je er met wat praktische vaardigheden bent, want er komt de nodige theorie bij kijken. Niet alleen moet de doorsnee zeiler kunnen beredeneren welke krachten er op zijn bootje inwerken, de stuurman (eigenlijk het stuurmens, maar de zee- en riviervaart loopt traditioneel nog wat achter op de ontwikkelingen in de samenleving) moet zich ook een woud van regels, signalen en verkeersborden eigen maken. Die regels zijn dan ook nog niet eens landelijk, nee, zo ongeveer elke grote sloot heeft weer zijn eigen regime. Dus past waardering voor de groep meiden en jongens, die dit jaar weer zo’n papiertje hebben gehaald. En natuurlijk waardering voor de instructeurs die geheel belangeloos (behalve natuurlijk het “eigenbelang”: zeilen is gewoon leuk) hun vrije tijd ter beschikking stelden. En voor Wim en Willem, die alle kandidaten doorzaagden op hun kennis en kunde. Daarom maar even een lijstje van alle geslaagden van dit jaar:

 

Geslaagd voor Jeugdzeilen 1/I: Diede Besseling, Joost Besseling, Nicolas Lansing en Freek Sibbel

Geslaagd voor Jeugdzeilen 1/II: Jacob Lookman –Lotz, Julian Lansing, Fernand Lansing, Karlijn Sibbel, Evelien Treep en Karst Breimer. Wico Breimer kreeg een vorderingenstaat en kan daarmee op onderdelen herexamen doen en zo alsnog zijn diploma halen.

Geslaagd voor Jeugdzeilen 2/I: Femke Steendam, Iris Leenarts en Frederik Dijkshoorn.

Geslaagd voor Jeugdzeilen 2/III: Tijmen Brecht, Koen Sibbel en Laurens Pepping.

 

De examens in de kielboten zijn inmiddels ook afgelegd. Ciska Raaijmakers haalde Kielboot 1, Jeroen Rijken, Joke Pluijgers, Henk Arwert, Babs Hermsen en Han den Ouden haalden Kielboot 2 en Ernst-Jan de Winter  slaagde voor Kielboot 3-praktijk. De uitgebreide theorie voor Kielboot 3 wordt op een later tijdstip geëxamineerd.

 

Ondertussen had de jeugd op zaterdag 26 november het einde van het zeilseizoen gevierd. Overigens niet voordat ze daarvóór gezamenlijk alle boten hadden schoongemaakt zodat ze op zolder en in het zeilkot konden worden opgeborgen. Dat werk werd zo’n beetje half buiten en half binnen uitgevoerd. Het begon namelijk te sneeuwen en niet zo’n beetje ook! Na korte tijd lag er een zodanig pak, dat een sneeuwpop onvermijdelijk werd. Zelfs de Kat van Kilo werd het natuurgeweld teveel en zocht de warme kantine op. De enige, die het weer schaamteloos trotseerde was Gijsbert Gans. Ik hoorde al een voorstel om de haven om te dopen in Goose Bay.

 

Al die noeste arbeid moest natuurlijk beloond worden met een eenvoudig doch voedzaam maal uit Lia’s keuken. Na de maaltijd ging het stokje naar Wim van Beek, die met verve en voor ieder een persoonlijk woordje én een klein presentje de uitslagen van de examens bekend maakte. Indien het Watersportverbond wat vlotter had gereageerd op het verzoek om toesturen van diploma’s, hadden die voor de jeugd ook kunnen worden uitgereikt. De diploma’s voor de kielbootexamens komen sowieso op een later en wellicht passend vormgegeven moment. Uiteraard is de afsluiting van het seizoen niet volledig zonder spelletjes. Die stonden dit jaar onder supervisie van Esther Bierhaus en Joke Bruil en waren wederom een groot succes.

 

Han den Ouden