|
Onderwerp
|
Waar gaat dat ook weer over?
|
Toelichting
|
|
Roeiverboden
|
= Niet
kunnen zwemmen
=
Onvoldoende bevoegd
=
Teveel wind, schuimkoppen
= Bij
mist en in het donker
= Bij
nul graden of lager
=
Tijdens onweer
= Niet
op de Rijn bij te hoog water
= Niet
alleen gaan skiffen
|
-
-
-
Risico van volslaan
-
1e graansilo onzichtbaar
-
vorst kan schade aan de boten veroorzaken
-
kans op levensgevaar
-
te hoog = kribben onder water
-
een klein ongelukje kan echt gevaarlijk worden
|
|
Weersomstandigheden
|
Kijk
naar water, weer en wind - hoeveel moeite kunnen ze mij bezorgen? En, hoe
is de weersverwachting?
|
Is het
nu OK? Wordt het beter of slechter? Verandert het snel? Niet uitvaren of
tijdig schuilen onder de hoge wal is geen schande
|
|
De
ploeg
|
Inschatten van kundigheid, ervaring, kracht.
|
Welke
kwalificaties hebben we? Welke kennis en ervaring? Met wat voor een boot
gaan we weg?
|
|
Boot en
riemen
|
=
Boegbal aanwezig
=
Luchtkasten dicht
= Roer
(touw) OK
= Alle
bouten en moeren vast
=
Hielbanden OK
=
Dolkleppen OK
|
Kleine
defecten kunnen in de kou ernstige gevolgen hebben.
|
|
Boot
uitbrengen en binnen halen
|
=
Duidelijke commando's
=
Genoeg mensen
=
Discipline
|
Schade
en/of gekwetste koude spieren zijn serieuze risico's.
Zo kort
mogelijk boven de hoofden of hoog dragen, in de handen is beter.
|
|
Check
voor het afvaren
|
=
Kleding
=
Reddingvest(en)
=
Hoosmiddelen
= Extra
uitrusting
=
Dolkleppen goed vast
=
voeten niet te strak
|
-
Lagen, petje, regenspul; zorg zoveel mogelijk droog te blijven
-
Stuur draagt een reddingsvest; optie voor de anderen
-
Toch wel erg handig na een grote golf
-
Regenkleding, telefoon, isolatiedeken, drinken, etc
-
Losschieten = onbalans of zelfs omslaan
-
Je moet eruit kunnen zonder je handen te gebruiken (onder water)
|
|
Bij
twijfel niet uitvaren
|
Een
klein tegenslagje moet niet direct kunnen leiden
tot weer een tegenslagje en tot groter onheil.
|
Ervaren
roeiers kunnen eigenwijs en overmoedig zijn; nieuwelingen kennen de
risico's nog niet.
|
|
Varen
|
= Houd
rekening met stroom
en wind
=
Vermijd lager wal
= Blijf
in de buurt van de oever
= Blijf
alert op veranderingen in
weer en wind
|
-
Verspil je energie niet en kom bij voorkeur met wind en stroom in de
rug terug
-
Hoever zou je in het ergste geval moeten zwemmen
-
Snelle verandering is in de winter geen goed teken
|
|
Verkeersregels
|
=
Wettelijke regels voor ons
allemaal volgens RPR en BPR
= Groot
voor klein
= Kijk
vooruit en laat je niet
verrassen
= Maak
je eigen koers ruim van
tevoren duidelijk
= Stuur
is de baas in de boot
=
Bemanning volgt bevelen op,
maar waarschuwt ook
ongevraagd om gevaren te
voorkomen
|
Zie
Wateralmanak of Cursus Klein Vaarbewijs.
Roeiboot
is kwetsbaar, laat anderen dus áltijd voorgaan! Doe alles om ongevallen te
voorkomen - dat heet "goed zeemanschap".
|
|
Hoe
handelen als er toch iets echt mis gaat
|
= Eerst
koppen tellen en mensen
redden
= Neem
de snelste weg naar de
wal
= Zorg
snel droog en warm te
worden
= Vraag
hulp, verleen hulp
=
Mensen OK, dan materiaal
redden - zonder zelf weer in
gevaar te komen
= Tenslotte, registratie,
communicatie, ervan leren
|
-
Eerst de man en dan de boot
-
Lange stukken zwemmen is zeer gevaarlijk, zelfs met extra
drijfvermogen
-
Uit de wind, isolatiedeken gebruiken
|
|
Vaarbewijs
|
Klein
Vaarbewijs 1; spelregels op de binnenwateren.
|
Aanbevolen
voor lange, lege winteravonden.
|