Vada Varia, nr. 1, februari 2010

 

 

Weekendje wadden met de Bonte Piet

 

 

Over het algemeen zijn de Wageningse zeilers best tevreden met de mogelijkheden op de Rijn, maar het grote water lokt natuurlijk wel. Zo kwam het dat 7 zeilers begin mei afreisden naar Harlingen, waar we een weekend hadden geboekt op een oude zeilende vrachtboot. We hadden eigenlijk met z'n achten zullen zijn, maar helaas gooide een vervelende ontsteking roet in het eten. Aan het begin van de avond meldden we ons aan boord van de Bonte Piet bij eigenaar Ineke en schipper Sanne. Twee stoere vrouwen, die het boeltje aan boord runnen.  


door Han den Ouden


Wadden1.jpg 

 

De Bonte Piet is een zogenaamde steilsteven, een zeilende vrachtboot met kottertuig, gebouwd in 1925. Het vrachtruim is omgebouwd tot kajuit en slaaphutten. Ineke kocht het schip in 2008 na een loopbaan in de zorg (en doet af en toe parttime daar nog wat in). Schipper Sanne is pas 22, maar heeft 4 jaar ervaring, eerst als maat, nu op de Bonte Piet als schipper. Het schip vaart onder de vlag van de Historische Zeilvaart Harlingen, een club die de organisatie op zich heeft genomen van de exploitatie van een grote vloot historische zeilschepen, die nu als charter varen.

 

De Oude Haven van Harlingen ligt vol met oude zeilschepen van allerlei pluimage en we voelen ons al meteen thuis. Het weer is goed en belooft ook voor het weekend zon en wind. We sjouwen onze bagage en victualiën aan boord, zoeken ons een kooi uit en schuiven daarna met Ineke en Sanne aan de tafel in de kajuit voor een rondje kennismaken, interesses, verwachtingen, afspraken etc. Het klikt lekker met die twee en voor hen is het handig om zeilers aan boord te hebben, die je onderweg om een boodschap kunt sturen. Want met z'n tweeën vaar je de Bonte Piet niet. Er is meer dan twee stel handen en ogen nodig bij het in en uit een haven manoeuvreren en het hijsen en strijken van grootzeil, fok en kluiver. Alles is wel een maatje meer dan op een Valk of Centauer.

 

Na een nachtje doorpitten zitten we met z'n allen aan het ontbijt in de kajuit. Daar wordt het besluit genomen om via Blauwe Slenk en Vliestroom naar Vlieland te varen, en verder maar te zien wat er komt. Ineke en Sanne leggen ons daarna uit wat er al zeilend te doen is, de procedures, de zeilen, de lieren etc. Dan worstelen we ons het krappe haventje uit. Eerst nog een spring bij houden, boeg wegdraaien en dan los. Een hele vloot gaat er op dat moment vandoor, een leuk gezicht. Buitengaats worden de zeilen gehesen,dat is zwaar en gecoördineerd werk. Twee man draaien zich afwisselend het apelazarus aan de lieren voor het hele spul boven is.

 

Er staat een stevige wind, 4 á 5 Bf, en met halve wind zet de Bonte Piet er de sokken in. Als we eenmaal de ruimte hebben, gaan we allemaal een keer achter het stuurwiel. Hele ervaring als je een helmstok gewend bent. Het is een kunst zo te sturen dat je niet hoeft te corrigeren. Af en toe even achterom kijken naar de stand van het roer, want je bent het na een paar draaien kwijt. Sanne geeft – met af en toe een snelle blik op de zeekaart vóór haar- aan op welke boei er gekoerst moet worden. De trip loopt voorspoedig, voor we het weten hangt de Bonte Piet behoorlijk schuin aan de wind in het Stortemelk tussen Vlieland en Terschelling. Zeeën slaan stuk op haar boeg, wolken schuim spatten om onze oren. Later vertelde Ineke dat minder ervaren gasten onder dit soort omstandigheden bleekjes wegtrokken, zoniet de zeilers van Vada, die genieten met volle teugen, het kan nog gekker. Aangezien het schip geen licentie heeft voor de Noordzee, moeten we overstag om over de andere boeg richting haven van Vlieland te koersen. Sanne geeft met enige regelmaat het passeren van sectorgrenzen via de marifoon aan de Brandaris door (verplichting voor de beroepsvaart). We worden in de gaten gehouden. Iedereen zoekt zijn plek aan schoten en (wegneembare) bakstagen en dan draaien we over bakboord weg.

 

Wadden2.jpg

 

Het is nu vallend water en we besluiten -op voorstel van Sanne- droog te vallen ergens onder Vlieland. Voorzichtig kruipen we voorwaarts, af en toe peilend met een lange staak. Op een gegeven moment bestaat het vermoeden dat we aan de grond zitten, de staak beweegt niet meer. Dan begint het lange wachten. Er is genoeg te zien. Een andere oude tweemaster zit ook letterlijk aan de grond. Als platen gaan droogvallen is het tijd uit te kijken naar zeehonden, en inderdaad vinden we in de verte een plaat waar ze lekker liggen te zonnen. Inmiddels hebben we zelfs dichtbij een nieuwsgierig rondkijkend kopje boven water gezien. We hebben de tijd en organiseren een uitgebreide lunch, geserveerd op de dekluiken. Kauwen en kijken. Dan zien we de bodem in het water doorschemeren. Nu gaat het snel en tenslotte ligt het schip helemaal droog. De trap gaat uit en het is een bijzondere ervaring een wandeling rond het schip te kunnen maken.

 

Uiteindelijk begint het water weer te stijgen en krabbelt geleidelijk iedereen weer terug aan boord. Het duurt dan wel nog een tijd voordat het schip weer drijft en we koers kunnen zetten op de haven van  Vlieland. De invaart gaat niet makkelijk. Er staat een sterke ebstroom en we moeten een snelle haakse bocht maken om de haven in te komen. Sanne ziet het misgaan en verordonneert een paar man met fenders naar de stuurboordzijde. Niet ten onrechte. De Bonte Piet zwaait door en komt onzacht in aanraking met de beschoeiing langs de havenentree. We waren op tijd en zwiepten onze fenders ertussen. Uiteindelijk glijden we soepel de kom in. Het is al aardig druk en liggen uiteindelijk driedubbel aan een stel “collega's”, de Hollandia en de Hoop op Welvaart (uit 1899!).

 

Tijdens de vaart naar de haven was de keukenploeg al druk aan het werk. Met als gevolg dat we direct na afmeren kunnen aanvallen op een stevige pan rijk gevulde macaroni. De avond is nog lang dus stappen we daarna aan wal om Oost-Vlieland te verkennen. Langs de jachthaven en de veerpontterminal gaat het naar het dorpje, een rijtje knusje huisjes met hier en daar wat nering ertussen. Natuurlijk laten we daar ook wat ducaten achter in ruil voor een goeie bak koffie. Nog even langs de vuurtoren en dan weer terug aan boord. Morgen weer zo'n dag!

 

Wadden3.jpg

 

Die is mogelijk nog zonniger dan de afgelopen dag, met als keerzijde dat het wel minder waait. De geruisloos lopende DAF diesel duwt ons soepel naar buiten. Het blauw van de Waddenzee gaat bijna ongemerkt over in het oneindige blauw van de hemel. Ver weg minuscule rode en groene boeien, oude zeilschepen met zeilen in alle kleuren, moderne jachtjes, een snelle veerboot, nieuwsgierig rondkijkende zeehondenkopjes, soms vlakbij! We zouden best nog zo een weekje willen zwerven, maar helaas, het weekend telt maar twee dagen...Zeilen worden gehesen, ook de kluiver (klein voorzeil, vóór de fok op de boegspriet) erbij, en dan gaat het langs de rand van de vaargeul weer richting Harlingen. Omdat we net buiten de boeien varen, wordt Anneke met één voet op de kabel naar het zijzwaard geposteerd. Verminderde druk op de kabel betekent dat het zwaard door het zand ploegt en een stukje opgehesen moet worden. Ook andere zeilende vrachtschepen varen met ons op en doen af en toe een wedstrijdje. De Bonte Piet doet het niet slecht! Laat in de middag naderen we Harlingen weer en wordt het steeds drukker in de geul. Voor de haven doen we nog een extra slagje om een confrontatie met een (in de woorden van Sanne) drijvend flatgebouw (groot vrachtschip) te voorkomen. Vrijwel tussen de pieren meent een politieboot zich er nog even volgas tussen te moeten persen en we moeten ons vasthouden door de enorme golven. Bepaald geen fraai voorbeeld van goed gedrag op het water. Uiteindelijk liggen we weer op ons vertrouwde plekje in de Oude Haven en wordt er op dek nagekaart over de afgelopen tocht. We bedanken de meiden van de Bonte Piet en beloven terug te komen. In een plaatselijke pizzeria vullen we de magen nog even en beginnen dan aan de terugreis.

 

Han den Ouden